Aalten 75 jaar bevrijd – verzetsmonument

Readspeaker

Op 30 maart 1945 is Aalten bevrijd. Elk jaar staan we als Schaersvoorde hierbij stil. Met groepjes leerlingen gaan we naar de herdenkingsboom aan de Slingelaan en naar het monument van de verzetsmensen op de Markt. Beide monumenten hebben we geadopteerd. Dit jaar vieren we 75 jaar vrijheid. Door de omstandigheden kunnen we niet naar de monumenten toe. Daarom dit jaar aandacht voor deze twee herdenkingsmonumenten via onze site.

Het verhaal achter het verzetsmonument bij de Hervormde Kerk op de Markt.

Het verhaal wat nu volgt betreft een aantal mensen die hier worden geëerd op dit monument en actief waren in de Aaltens KP (militaire verzetsorganisatie). Zij zijn uiteindelijk verraden en hebben dat met hun leven moeten bekopen.

De overige namen op dit monument waren ook actief in het verzet. Zij hebben allemaal hun leven gegeven voor onze vrijheid.

De 20e april 1944 is een datum die met zwarte letters zal blijven geschreven staan in de historie van het verzet in de Achterhoek. Behalve de Aaltens KP waarvan zwarte Kees (Cees Ruizendaal) de leider was bestond er in de achterhoek ook een militaire verzetsorganisatie met oom Gerrit (C.J. van de Boogert) een voormalig reserveofficier, als contactpersoon. Deze oom Gerrit was in contact gekomen met een zekere Willy van Erp, wiens werkelijke naam Willy Marcus was, die in opdracht van de SD (inlichtingendienst van de nazi’s), trachtte binnen te dringen in de Achterhoekse verzetsgroepen. Via Oom Gerrit komt Zwarte Kees met Willy in contact, waarbij laatstgenoemde snel het vertrouwen wist te winnen. Zowel oom Gerrit als zwarte Kees vinden beide dat de knokploeg te weinig wapens heeft. Zwarte Kees vertelt dit ook tegen Willy. De beide verzetsstrijders hebben niet in de gaten dat ze in de val lopen.

Willy zegt dat hij een ‘geheim agent van Nederlandse regering’ is, die via de Witte Brigade (een Belgische verzetsgroep) kan zorgen voor een grote partij wapen ten behoeve van het verzet in de Achterhoek. Deze kunnen in Brabant worden opgehaald. Zwarte Kees is enthousiast. Zijn medeverzetsstrijders tonen minder belangstelling, maar zij willen hem niet in de steek laten.

Zo gaan ze op 20 april met zijn vieren, zwarte Kees, zwarte Jan, Gerrit en Gijs, s ’morgens naar Beltrum waar Willy hen opwacht in de cabine van een vrachtauto met een onbekende chauffeur. Als ze de chauffeur horen praten  komt er iets van wantrouwen in hun gedachten. Dit wordt nog sterker als in de wagen sporen van geronnen bloed ontdekken. Dan willen ze in Doesburg de auto uit, zeer tegen de zin van Willy. Willy stemt erin toe en zal hen in Rhenen bij een café weer oppikken. Als de auto uit zijn, verdelen splitsen zij op. Zwarte Jan en Gerrit lenen een fiets en proberen Willy te schaduwen, maar voor ze hem ontdekt hebben, worden ze bij de ‘Ellecomse draai’ gegrepen. Daar staat een Duitse auto in de berm van de weg, waarachter een groot aantal Duitse soldaten tevoorschijn springen. Zij worden geboeid, waarna ze gedwongen worden te gaan liggen. Dan wordt een zeil over hen heen gegooid.

De SD wil weten waar de twee anderen zijn. Als er meer dan een uur voorbij is noemt Gerrit de naam van Gastelaars. Zwarte Kees en Gijs zullen nu wel verdwenen zijn, dat hadden ze tenminste afgesproken; als zwarte Kees en Gijs binnen een uur geen telefoontje hadden ontvangen dan moesten ze vluchtten.

Zwarte Kees is met Gijs in Doesburg achtergebleven. Maar er komt geen telefoontje binnen. Wanneer beiden weer eens bij Gastelaar zijn wordt er overleg gepleegd. Als er maar fietsen zijn, kunnen ze wegkomen. Ze proberen die te krijgen, dat lukt helaas niet. Dan merken ze dat het huis van Gastelaar is omsingeld. Gerrit duikt daar een kast in en zwarte Kees rent de trap op naar de bovenverdieping, komt op het dak terecht en vandaaruit op een binnenplaats. Met behulp van een schilder die daar bezig is, kan hij zich verstoppen in een konijnenhok dat in de hoek staat. Er worden zakken voor gehangen en een kleine kier geeft nog gelegenheid de omgeving te verkennen. Het huis van Gastelaar is helemaal omsingeld door de Duitsers. De SS-ers (Duitse soldaten) klimmen op het dak en zoeken alles af. Als een van hen langs het konijnenhok loopt en de zak verschuift begint zwarte Kees te schieten. Het schieten wordt beantwoord en een regen van kogels doorzeeft zwarte Kees. Zo sterft Cornelis Ruizendaal, een dappere verzetsstrijder.

Ook Gerrit wordt uiteindelijk gevonden door de Duitsers en gevanggenomen.

Maar ook in Aalten slaat de vijand toe. In de namiddag komt er een auto bij de familie Wiggers in de Wolboom, het adres waar de KP-ers elkaar regelmatig ontmoet hadden. De heer H.J. Wiggers, vader van een groot gezin, wordt gevangengenomen. Zijn zoon, weet zich alles nog goed te herinneren:

“In de nacht van 19 op 20 april heb ik samen met Kees Ruizendaal in het ‘hol’ geslapen. Hij is die morgen al vroeg vertrokken. s ’Middags, het moet tegen een uur of vier zijn geweest, kwam er een auto uit dat pad, daar in het bosje. We stonden buiten en mijn vader zei nog tegen mij: ‘Je kunt je beter niet laten zien. Maak dat je wegkomt’ Meteen wisten we het al. Er sprongen Duitsers uit de auto die het huis omsingelden. Ik was intussen ervandoor gegaan.

Tot een uur of halfacht heb ik mij schuilgehouden. Een buurman kwam me halen en vertelde wat er gebeurd was. De Duitsers hebben het huis doorzocht, zij zijn in het ‘hol’ geweest maar hebben niets gevonden. Mijn moeder heeft nog kans gezien een revolver, die ze boven op een kamer vond, in de kachel te leggen, die niet brandde. Ze zijn ook in de schuur geweest waar vier joden in een schuilplaats zaten. Ze doorzochten het stro, staken met bajonetten overal in maar vonden gelukkig niets.

Henrik Jan Wiggers werd naar het concentratiekamp in Vught vervoerd. Toen de geallieerde kwamen werd in allerijl het kamp ontruimd en Wiggers werd naar Sachsenhausen gedeporteerd, van waaruit hij in november te werk gesteld werd in Groß-Rosen (Polen). Bij de nadering van het Russische leger in februari 1945 werd ook dit kamp ontruimd. De gevangenen werden per trein, een negen dagen durende reis onder barre winterse omstandigheden, in westelijke richting vervoerd. Kort na aankomst in het concentratiekamp Mittelbau-Dora, vlakbij Nordhausen (Duitsland), is hij door uitputting ziek geworden en op 21 februari 1945 overleden, 58 jaar oud

Deze mannen hebben hun leven gegeven voor onze vrijheid.

Wij blijven herdenken: 75 jaar bevrijding

30 maart 1945                 30 maart 2020

Link naar Tv Gelderland  ( H.W.Wiggers, C Ruizendaal en G Kleisen)

https://www.omroepgelderland.nl/gemist?pagina=programma&programma=217&aflevering=38859